maandag 21 mei 2012

Taal in beeld en de referentieniveaus

Het zal niemand zijn ontgaan. Het werk van de commissie Meijereink heeft via een rapport en een referentiekader enige tijd terug een wettelijke status bereikt. En dus gaan we allemaal werken aan de doorlopende leerlijnen door de referentieniveaus in te voeren. Maar wat is er nu precies aan de hand en wat verandert er nu exact? En wat betekent dit voor het werken met Taal in beeld? Het antwoord zal u geruststellen. Alle leerstof die u aan moet gaan bieden, zit al in de methode. En als u de methode gebruikt zoals bedoeld, stemt u ook in voldoende mate af op dat wat individuele leerlingen nodig hebben.

Wilt u meer weten over de invoering van de referentieniveaus? De onderstaande discussiefilms vertellen alles en geven u suggesties.

De eerste film gaat over wat de referentieniveaus precies zijn en welk doel ze hebben.



De tweede film gaat over de kansen en de risico's bij het invoeren van de referentieniveaus.



De derde film gaat over het implementeren van de referentieniveaus. Wat moet er gebeuren en welke stappen kunnen gezet worden?



Met dank aan Kees Vernooij en Cees Hereijgens.

Literatuur:
  • CPB (2011). Niveau onderwijs daalt. Vooral beste leerlingen blijven achter.
  • Meijerink e.a.(2007). Over drempels met taal en rekenen.
  • Meijerink e.a.(2009). Referentiekader taal en rekenen.
  • Ministerie van OC&W (2006). Kerndoelen primair onderwijs.
  • SLO (2011). Leerstoflijnen beschreven.
  • Vernooij (2007). De meeste leesproblemen zijn kwaliteitsproblemen.
  • Vernooij (2009). Lezen stopt nooit. Van een stagnerende naar een doorgaande leesontwikkeling voor risicolezers.
  • Vernooij (2011). Wat bepaalt goede leeropbrengsten?

Jos Cöp

Geen opmerkingen:

Een reactie posten